FRITZ!Box 4040 Service - Knowledge Base

FRITZ!Box 4040 Service

Foutmelding "...beperkte of geen connectiviteit"

Op een Windows-computer wordt de LAN- of Wi-Fi-verbinding met de FRITZ!Box in het systeemvak van de taakbalk (systray) weergegeven met een uitroepteken en met de melding "... beperkte of geen connectiviteit". Op de computer is het niet mogelijk om via de FRITZ!Box de gebruikersinterface (http://fritz.box) te openen en toegang tot internet te krijgen.

Voer de hier beschreven maatregelen na elkaar uit. Controleer na elke maatregel of het probleem is opgelost.

Opmerking:De configuratieprocedure en informatie over functies in deze handleiding hebben betrekking op het meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box.

1 DHCP-server van de FRITZ!Box inschakelen

Voer deze maatregelen uit met een ander apparaat dat is verbonden met de FRITZ!Box:

Belangrijk:Als je met geen enkel apparaat toegang kunt krijgen tot de FRITZ!Box, ga dan te werk zoals beschreven in de handleiding FRITZ!Box-gebruikersinterface kan niet worden geopend.

  1. Open in een webbrowser het adres http://169.254.1.1.
  2. Klik op "Home Network" en vervolgens op "Network".
  3. Klik op het tabblad "Network Settings".
  4. Klik op de knop "IPv4-Addresses".
  5. Schakel de DHCP-server in en definieer het bereik waarbinnen de FRITZ!Box IP-adressen moet toewijzen.

    Opmerking:In de fabrieksinstellingen gebruikt de FRITZ!Box het IP-adres 192.168.178.1 (subnetmasker 255.255.255.0) en wijst IP-adressen toe van xxx.20 tot xxx.200.

  6. Klik op "OK" om de instellingen op te slaan.

2 Firewall van de computer configureren

Een firewall kan de communicatie tussen de computer en de FRITZ!Box verstoren:

  1. Stel de firewall van de computer zodanig in dat deze verbindingen van de computer naar de FRITZ!Box toelaat. Informatie over de configuratie krijg je van de fabrikant van de firewall; raadpleeg bijvoorbeeld de handleiding.

3 LAN-verbinding met de FRITZ!Box controleren

Verbindingsproblemen met LAN-verbindingen kunnen worden veroorzaakt door fouten in de bekabeling, energiebesparende functies of tussengeschakelde apparaten zoals hubs/switches, powerline-adapters of LAN/WLAN-omvormers. Controleer daarom de LAN-verbinding van de computer: