FRITZ!Box 6810 LTE Service - Knowledge Base

FRITZ!Box 6810 LTE Service

Beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk van de FRITZ!Box wijzigen

In de fabrieksinstellingen is het draadloze netwerk (WiFi) van de FRITZ!Box al beveiligd tegen onbevoegde toegang door middel van een veilige WPA2-versleuteling en het gebruik van een unieke netwerksleutel. Als je een draadloze verbinding tot stand wilt brengen met de FRITZ!Box, moet je deze netwerksleutel handmatig invoeren in het draadloze apparaat (bijvoorbeeld computer, smartphone, gameconsole) of deze automatisch laten configureren door te drukken op de "WLAN"-knop van de FRITZ!Box (WPS-procedure).

Als je deze fabrieksinstellingen niet wilt gebruiken, kun je de beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk van de FRITZ!Box veranderen.

Opmerking:De configuratieprocedure en informatie over functies in deze handleiding hebben betrekking op het meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box.

1 Draadloos netwerk inschakelen

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Network".
  3. Schakel het draadloze netwerk in.
  4. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.

2 Beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk wijzigen

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Security".
  3. Schakel in de sectie "Encryption" de draadloze versleuteling in, waarmee je het draadloze netwerk wilt beveiligen.

    LET OP!Kies wanneer mogelijk altijd voor WPA-versleuteling, want deze biedt de beste beveiliging. Gebruik alleen een andere encryptiemethode als de gebruikte draadloze apparaten geen WPA-versleuteling ondersteunen.

    • Als je de beveiligde WPA-versleuteling wilt gebruiken (aanbevolen):
    1. Schakel in de sectie "Encryption" de optie "WPA encryption" in.
    2. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "WPA mode" de optie "WPA2 (CCMP)".

      Opmerking:Als je nog draadloze apparaten gebruikt die WPA2 niet ondersteunen, gebruik je de instelling "WPA + WPA2". Als je deze instelling selecteert, gebruiken je draadloze apparaten automatisch de veiligste WPA-modus voor draadloze verbindingen.

    3. Voer in het tekstveld "Network key" een wachtwoord naar keuze in dat tussen 8 en 63 tekens lang is.

      Belangrijk:Voor optimale beveiliging kies je een wachtwoord van minimaal 20 tekens en gebruik je een combinatie van hoofdletters en kleine letters (geen letters zoals ä, ë, ö, ü, é, í), cijfers en andere tekens.

    • Als je de onveilige WEP-versleuteling wilt gebruiken (niet aanbevolen):
    1. Schakel in de sectie "Encryption" de optie "WEP encryption" in.
    2. Voer in het tekstveld "Network key" een wachtwoord naar keuze (13 tekens lang) in.

      Belangrijk: Voor de netwerksleutel kun je alleen hoofdletters, kleine letters (geen letters zoals ä, ë, ö, ü, é, í) en cijfers gebruiken.

    • Als je je draadloze netwerk niet wilt versleutelen en ervoor kiest het onbeveiligd te laten (niet aanbevolen):
      • Schakel de optie "non-encrypted" in de sectie "Encryption" in.
  4. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.

    Opmerking:Wanneer je de nieuwe beveiligingsinstellingen voor het draadloze netwerk toepast, worden alle draadloze verbindingen met de FRITZ!Box verbroken.

Nu wordt een pop-upvenster "Wireless LAN Access" geopend met de nieuwe instellingen voor draadloze beveiliging van de FRITZ!Box. Print of noteer deze instellingen en configureer de draadloze verbinding met de FRITZ!Box opnieuw.