FRITZ!Box 6810 LTE Service - Knowledge Base

FRITZ!Box 6810 LTE Service

Trage internettoegang via FRITZ!Box

De internetverbinding van computers, smartphones en andere apparaten die met de FRITZ!Box zijn verbonden is erg traag. Daardoor laden bijvoorbeeld websites erg langzaam, duurt het lang om bestanden te downloaden en worden videostreams niet goed weergegeven of afgebroken.

1 Doorvoercapaciteit van de mobiele netwerkverbinding controleren

Controleer of de FRITZ!Box voor de mobiele netwerkverbinding de doorvoercapaciteit (snelheid) weergeeft die je mobiele netwerkprovider garandeert:

  1. Klik op "Internet" in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Internet" op "LTE Information".
  3. Klik op het tabblad "Mobile Communications".
  4. Controleer welke snelheid wordt weergegeven op de regel "Throughput".
  5. Als de weergegeven doorvoercapaciteit bijna net zo hoog is als de snelheid die je mobiele netwerkprovider garandeert, is er geen probleem.

    Opmerking:Op veel locaties is het niet mogelijk de gegarandeerde doorvoercapaciteit volledig te bereiken. Daarom zeggen LTE-providers dat ze snelheden aanbieden tot een bepaalde waarde ("tot").

2 Doorvoercapaciteit tussen draadloos netwerkapparaat en de FRITZ!Box controleren

Deze maatregel is alleen noodzakelijk als het betreffende apparaat via het draadloze netwerk met de FRITZ!Box is verbonden, maar ook een netwerkpoort heeft:

  1. Verbreek de draadloze verbinding tussen het apparaat en de FRITZ!Box.
  2. Verbind het apparaat via een netwerkkabel (bijvoorbeeld de gele meegeleverde netwerkkabel) met de FRITZ!Box.
  3. Controleer of internettoegang via LAN net zo traag is als toen de computer was verbonden via het draadloze netwerk.
  4. Als de internettoegang via de LAN-verbinding duidelijk sneller is, voer je de maatregelen uit in de handleiding Trage draadloze verbindingen.

3 Windows-Netwerkinstellingen corrigeren

Een computer heeft alleen toegang tot internet als alle internetaanvragen van de computer worden doorgestuurd naar de FRITZ!Box. Als de computer zijn IP-instellingen automatisch van de FRITZ!Box verkrijgt via DHCP, krijgt de computer ook automatisch een Standaardgateway (IP-adres van de FRITZ!Box).

De configuratie van meerdere standaardgateways is niet toegestaan en veroorzaakt fouten. Controleer daarom of er op de computer maar één standaardgateway is geconfigureerd:

Opmerking:Opmerking voor netwerkexperts: Standaardgateways die zijn vereist voor routering naar een ander IP-netwerk, kunnen worden vervangen door een statische route. In Windows-help vind je informatie over het configureren van statische routes.

  1. Druk op de toetscombinatie Windows-toets + R.
  2. Voer in het invoerveld "Openen" cmd in en klik op "OK".
  3. Voer in het opdrachtpromptvenster route print in en druk vervolgens op Enter.
  4. Als in de weergegeven tabel meerdere vermeldingen met 0.0.0.0 worden weergegeven, zijn er meerdere gateways:

    Windows 10

    1. Klik in de taakbalk van Windows op "Start" en vervolgens op "Instellingen" .
    2. Klik in het menu "Instellingen" op "Netwerk en internet".
    3. Klik in de sectie "De netwerkinstellingen wijzigen" op "Adapteropties wijzigen".
    4. Klik in de menubalk bij de knop (Weergave wijzigen) op de pijl en selecteer ("Details").
    5. Klik met de rechtermuisknop op een verbinding van een netwerkadapter die niet is verbonden met de FRITZ!Box. De naam van de netwerkadapter vind je onder "Apparaatnaam".
    6. Klik op "Eigenschappen".
    7. Selecteer "Internet Protocol versie 4 (TCP/IPv4)".
    8. Klik op "Eigenschappen".
    9. Als er een standaardgateway wordt vermeld, verwijder je deze.
    10. Klik op "OK" om de instellingen op te slaan.

    Windows 8

    1. Druk de toetscombinatie Windows-toets + X in en klik op "Configuratiescherm" in het contextmenu.
    2. Selecteer rechtsboven onder "Weergeven op:" de optie "Categorie" ().
    3. Klik op "Netwerk en internet" en dan op "Netwerkcentrum".
    4. Klik op "Adapterinstellingen wijzigen".
    5. Klik in de menubalk bij de knop (Weergave wijzigen) op de pijl en selecteer ("Details").
    6. Klik met de rechtermuisknop op een verbinding van een netwerkadapter die niet is verbonden met de FRITZ!Box. De naam van de netwerkadapter vind je onder "Apparaatnaam".
    7. Klik op "Eigenschappen".
    8. Selecteer "Internet Protocol versie 4 (TCP/IPv4)".
    9. Klik op "Eigenschappen".
    10. Als er een standaardgateway wordt vermeld, verwijder je deze.
    11. Klik op "OK" om de instellingen op te slaan.

    Windows 7

    1. Klik in Windows op "Start" en vervolgens op "Configuratiescherm".
    2. Selecteer rechtsboven onder "Weergeven op:" de optie "Categorie" ().
    3. Klik op "Netwerk en internet" en dan op "Netwerkcentrum".
    4. Klik op "Adapterinstellingen wijzigen".
    5. Klik in de menubalk op de pijl naast de knop "Weergave wijzigen" en selecteer "Details".
    6. Klik met de rechtermuisknop op een verbinding van een netwerkadapter die niet is verbonden met de FRITZ!Box. De naam van de netwerkadapter vind je onder "Apparaatnaam".
    7. Klik op "Eigenschappen".
    8. Selecteer "Internet Protocol versie 4 (TCP/IPv4)".
    9. Klik op "Eigenschappen".
    10. Als er een standaardgateway wordt vermeld, verwijder je deze.
    11. Klik op "OK" om de instellingen op te slaan.
  5. Herhaal deze stappen voor alle netwerkadapters die zijn verbonden met de FRITZ!Box.

4 Beveiligingsprogramma's configureren

Het toezicht op de internettoegang door beveiligingsprogramma's zoals een firewall, virusscanner of webfilter kan de snelheid van internet op je computer vertragen.

  • Stel de configuratie van de beveiligingsprogramma's zo in dat deze niet de snelheid van je internetverbinding beperkt.

De FRITZ!Box en de daarmee verbonden apparaten brengen nu de snelst mogelijke internetverbinding tot stand. Andere oorzaken voor een trage internettoegang kunnen het afknijpen van de LTE-verbinding wanneer je een bepaald datalimiet hebt overschreden, of storingen bij de LTE-provider zijn. Bovendien delen alle gebruikers binnen dezelfde LTE-radiocel de beschikbare bandbreedte. Hoe groter het aantal actieve gebruikers is in een radiocel, des te minder bandbreedte er beschikbaar is voor iedere gebruiker afzonderlijk.