FRITZ!Box 7369 Service - Knowledge Base

FRITZ!Box 7369 Service

Trage draadloze verbindingen conform 802.11n

Bij draadloze verbindingen (WiFi) conform de draadloze netwerkstandaard 802.11n is de doorvoercapaciteit lager dan de gegevenssnelheid die wordt ondersteund door de draadloze standaard.

Voer de hier beschreven stappen na elkaar uit. Controleer na elke stap of het probleem is opgelost.

1 Event Log van de FRITZ!Box controleren

  1. Klik op "System" in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "System" op "Event Log".
  3. Klik op het tabblad "WLAN".
  4. Als de melding "Wireless LAN transmission quality increased by reduced channel bandwidth [...]" wordt weergegeven, voer je de maatregelen uit in de handleiding FRITZ!Box meldt "Wireless LAN transmission quality increased by reduced channel bandwidth".

2 Bluetooth bij wijze van test uitschakelen

Bluetooth beïnvloedt de draadloze snelheid op de 2,4GHz-frequentieband, wat vooral opvalt bij realtimetoepassingen (bijvoorbeeld videostreaming):

  • Schakel de bluetoothfunctie van het draadloze netwerkapparaat (bijvoorbeeld smartphone, tablet) uit.

3 Draadloos netwerkapparaat voor 40MHz-kanalen configureren

De volledige doorvoercapaciteit wordt bij draadloze verbindingen conform 802.11n alleen bereikt als het draadloze netwerkapparaat gebruik maakt van draadloze kanalen van 40 MHz. Als de bandbreedte maar 20 MHz is, kan maximaal 130 Mbit/s worden bereikt.

Voer de volgende maatregel uit als de draadloze netwerkadapter van de computer of het draadloze netwerkapparaat draadloze kanalen met een bandbreedte van 40 MHz ondersteunt:

Opmerking:Informatie over het configureren vind je in het handboek of verkrijg je rechtstreeks bij de fabrikant van het apparaat.

  • Configureer de draadloze netwerkadapter of het draadloze netwerkapparaat zodanig dat deze draadloze kanalen met een bandbreedte van 40 MHz kan gebruiken.

    Voorbeeld:
    Veel draadloze netwerkadapters van Intel kunnen worden geconfigureerd voor kanalen met een bandbreedte van 40 MHz. Dit doe je door in Windows Apparaatbeheer de eigenschappen van de draadloze netwerkadapter te openen en bij "802.11n Channel Width for band 2.4" de waarde "Auto" te selecteren:

4 WPA2-versleuteling inschakelen

De volledige doorvoercapaciteit kan alleen worden bereikt als een draadloze verbinding conform 802.11n met WPA2 wordt versleuteld. Als een andere versleutelmethode wordt gebruikt, is de maximale doorvoercapaciteit altijd 54 Mbit/s. Configureer daarom de WPA2-versleuteling en breng je de draadloze verbinding met deze versleutelmethode opnieuw tot stand:

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Security".
  3. Schakel WPA-versleuteling in.
  4. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "WPA mode" de optie "WPA2 (CCMP)".
  5. Voer in het invoerveld "Network key" een netwerksleutel in.

    Belangrijk:Voor optimale beveiliging kies je een wachtwoord van minimaal 20 tekens en gebruik je een combinatie van hoofdletters en kleine letters (geen letters zoals ä, ë, ö, ü, é, í), cijfers en andere tekens.

  6. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.
  7. Print de beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk of noteer deze.
  8. Breng met de genoteerde beveiligingsinstellingen een draadloze verbinding tot stand.

5 Meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box installeren

6 Meest recente software van het draadloze netwerkapparaat installeren

  • Installeer de meest recente driver voor de draadloze netwerkadapter van de computer of het meest recente besturingssysteem (bijvoorbeeld Android, iOS) voor het draadloze netwerkapparaat.

    Opmerking:Informatie over updates van de draadloze netwerkadapter of het draadloze netwerkapparaat vind je in het handboek. Je kunt ook rechtstreeks contact opnemen met de fabrikant.
    De nieuwste stuurprogramma's voor de FRITZ!WLAN Stick vind je in onze downloadsectie.

7 Maximale zendvermogen configureren

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Channel".
  3. Als de optie "Set radio channel settings automatically (recommended)" is ingeschakeld, ga je verder met de volgende maatregel.
    • Als de optie "Adjust radio channel settings" is ingeschakeld:
      1. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "Maximum transmitter power" de waarde "100%". Als de vervolgkeuzelijst niet wordt weergegeven, schakel je eerst de geavanceerde weergave in.
      2. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.

8 Interferentiebronnen opsporen

  1. Schakel alle apparaten uit die het draadloze netwerk kunnen storen.

    Opmerking:Alle apparaten die radiogolven uitzenden, zijn mogelijke interferentiebronnen. Dit zijn bijvoorbeeld andere draadloze netwerkapparaten, draadloze speakers, bluetooth-apparaten, babyfoons of magnetrons.

  2. Controleer of de draadloze verbinding nog steeds wordt beïnvloed.
    • Als de draadloze verbinding niet meer wordt beïnvloed:
      1. Schakel een voor een de apparaten weer in.
      2. Controleer na het inschakelen van elk apparaat of de draadloze verbinding weer wordt beïnvloed.
        • Wanneer je het storende apparaat of de storende apparaten hebt opgespoord, heb je de volgende mogelijkheden:
          • Laat de storende apparaten uitgeschakeld,
            • of:
          • Schakel het autokanaal in, of werk het autokanaal bij (zie maatregel "Autokanaal inschakelen of bijwerken"),
            • of:
          • Positioneer de FRITZ!Box optimaal (zie maatregel "Draadloze netwerkapparaten optimaal positioneren").

9 Draadloze netwerkapparaten optimaal positioneren

  1. Plaats de FRITZ!Box indien mogelijk in een centraal gelegen ruimte.
  2. Plaats de FRITZ!Box niet direct in de hoek van een kamer.
  3. Plaats de FRITZ!Box indien mogelijk op een plek met zo weinig mogelijk obstakels eromheen, d.w.z. niet direct achter of onder een obstakel zoals bijvoorbeeld een kast of een verwarming.
  4. Plaats de FRITZ!Box indien mogelijk zo hoog mogelijk boven in een kamer, bijvoorbeeld boven op een kast.
  5. Zorg ervoor dat er zich zo min mogelijk obstakels bevinden tussen de FRITZ!Box en de andere draadloze netwerkapparaten. Vooral metalen- of waterhoudende objecten (bijvoorbeeld koelkast, kamerplanten) verminderen de kwaliteit van het draadloos signaal aanzienlijk.
  6. Plaats de FRITZ!Box niet in de buurt van andere zenders (bijvoorbeeld magnetron, babyfoon, draadloze speakers, bluetooth-apparaten).
  7. Om te testen plaats je de FRITZ!Box en het draadloze netwerkapparaat zo dicht mogelijk bij elkaar in de buurt.

    Opmerking:Wanneer je alle andere mogelijke bronnen voor de fout hebt uitgesloten, kun je de afstand tussen beide apparaten weer vergroten.

10 Optimale draadloze kanaal configureren

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Channel".
  3. Klik in de sectie "Wireless environment" op de link "Show disturbances to wireless network".
  4. Gebruik de grafiek om te bepalen welk kanaal in het lagere frequentiebereik het minst wordt beïnvloed door andere draadloze netwerken en interferentiebronnen.
  5. Schakel in de sectie "Radio Channel Settings" de optie "Adjust the radio channel settings" in.
  6. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "Radio channel" het gevonden kanaal met de minste interferentie.
  7. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.
  8. Als je nu nog steeds problemen ondervindt met de draadloze verbinding, herhaal je de stappen 3 - 7 met een draadloos kanaal in het middenbereik en vervolgens met een kanaal in het hogere frequentiebereik en gebruik je het draadloze kanaal dat het minst wordt beïnvloed door storingen.

    Belangrijk:De grafiek van de draadloze omgeving is een momentopname! De drukte op de frequentieband kan in de loop van de dag aanzienlijk veranderen omdat veel draadloze netwerken worden ingeschakeld bij gebruik. Controleer daarom meerdere malen welke draadloze kanalen het minst worden beïnvloed door interferentie.

De FRITZ!Box en het draadloze netwerkapparaat zijn nu optimaal geconfigureerd. De draadloze netwerkapparaten kunnen met het grootst mogelijke bereik en de best mogelijke doorvoercapaciteit een verbinding met de FRITZ!Box tot stand brengen.

Opmerking:Als deze maatregelen de kwaliteit van de draadloze verbinding niet voldoende hebben verbeterd, kun je een FRITZ!WLAN Repeater gebruiken om het bereik van het draadloze netwerk uit te breiden en de doorvoercapaciteit van de draadloze verbinding te verhogen.