Configuratie van de FRITZ!Repeater

De FRITZ!Repeater kan met een druk op de knop via WPS of via een wizard in de browser heel eenvoudig worden geconfigureerd.

Wi-Fi-verbinding met WPS tot stand brengen

1. Steek de FRITZ!Repeater in een contactdoos in de buurt van de FRITZ!Box.

2. Houd de "WPS"-knop op de FRITZ!Repeater ongeveer 6 seconden ingedrukt, tot de LED "WLAN" knippert.

3. Houd de "WLAN"-knop op de FRITZ!Box ingedrukt tot de LED "WLAN" knippert (6 seconden). Druk als alternatief even op de "WPS"-knop, indien aanwezig.

Wi-Fi-verbinding met de browser tot stand brengen

1. Steek de FRITZ!Repeater in een contactdoos in de buurt van de FRITZ!Box.

2. Breng op een computer een Wi-Fi-verbinding met de FRITZ!Repeater tot stand. De vooraf ingestelde Wi-Fi-netwerksleutel van de FRITZ!Repeater is 00 00 00 00 (8x nul).

3. Typ na een geslaagde eerste aanmelding op de FRITZ!Repeater "fritz.repeater" in de adresregel van de browser. De wizard van de FRITZ!Repeater leidt je vervolgens door alle verdere configuratiestappen.

Optioneel voor FRITZ!Repeaters met een extra ethernet-aansluiting: de verbinding met de computer kan ook met een LAN-kabel tot stand worden gebracht. Roep vervolgens in de browser "fritz.repeater" op en volg de configuratiewizard.

Na het tot stand brengen van de Wi-Fi-verbinding

Nadat de Wi-Fi-verbinding tot stand is gebracht, kan de FRITZ!Repeater indien gewenst in een andere contactdoos worden gestoken, op de plek waar je het apparaat wilt gebruiken. In het gunstigste geval kies je hiervoor een plaats ongeveer in het midden tussen je FRITZ!Box en de gebruikte Wi-Fi-apparaten. De signaalsterkte-LED op de FRITZ!Repeater helpt bij de keuze van een geschikte contactdoos.