FRITZ!WLAN Repeater 300E Service - Knowledge Base

FRITZ!WLAN Repeater 300E Service

Geen internettoegang via draadloze verbinding

Een computer, smartphone of een ander met de FRITZ!WLAN Repeater verbonden apparaat heeft geen toegang tot internet. Andere apparaten die zijn verbonden met de FRITZ!WLAN Repeater (bijvoorbeeld FRITZ!Box) hebben echter wel toegang tot internet.

In het "Netwerkcentrum" van de betreffende computers wordt mogelijk een van de volgende meldingen weergegeven:

  • "Toegang tot: alleen lokaal"
  • "Toegangstype: Geen internettoegang"

Voer de hier beschreven maatregelen na elkaar uit. Controleer na elke maatregel of het probleem is opgelost.

1 DHCP-server van de draadloze router inschakelen

De DHCP-server van de draadloze router wijst IP-adressen toe aan alle netwerkapparaten die zijn verbonden met de router. Dit zorgt ervoor dat de netwerkapparaten altijd automatisch de juiste IP-instellingen ontvangen voor internettoegang en communicatie met andere apparaten:

Belangrijk:We hebben een FRITZ!Box gebruikt als voorbeeld voor de configuratie. Sommige FRITZ!Box-instellingen worden alleen weergegeven als de geavanceerde weergave is ingeschakeld. Informatie over de configuratie van een andere router verkrijg je van de fabrikant van het apparaat, bijvoorbeeld via het handboek.

  1. Klik op "Home Network" in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Home Network" op "Network" of "Home Network Overview".
  3. Klik op het tabblad "Network Settings".
  4. Klik op de knop "IPv4-Addresses".
  5. Schakel de DHCP-server in en definieer het bereik waarbinnen de FRITZ!Box IP-adressen moet toewijzen.

    Opmerking:In de fabrieksinstellingen gebruikt de FRITZ!Box het IP-adres 192.168.178.1 (subnetmasker 255.255.255.0) en wijst IP-adressen toe tussen xxx.20 en xxx.200.

  6. Klik op "OK" om de instellingen op te slaan.

2 Netwerkapparaat als DHCP-client configureren

Als je zeker wilt zijn dat het netwerkapparaat altijd de juiste IP-instellingen gebruikt, moet je het configureren als DHCP-client (de meeste netwerkapparaten en besturingssystemen zijn geconfigureerd als DHCP-client in de fabrieksinstellingen):

3 Firewall van de computer configureren

Een firewall kan de communicatie tussen de computer en de draadloze router verstoren:

  • Configureer de firewall zodanig dat deze verbindingen van de computer met de draadloze router toestaat. Informatie over de configuratie verkrijg je van de fabrikant van de firewall, bijvoorbeeld via het handboek.

4 Meest recente stuurprogramma van de draadloze netwerkadapter installeren

  • Installeer de meest recente driver voor de draadloze netwerkadapter van de computer of de meest recente software voor het betreffende apparaat.

    Opmerking:De meest recente apparaatdrivers worden vaak niet aangeboden via de Windows-update. Gebruik daarom de drivers van de website van de fabrikant (bijvoorbeeld Intel, Broadcom, Realtek).
    De nieuwste drivers voor de FRITZ!WLAN Stick vind je in onze downloadsectie.